woensdag, 13 augustus 2014

Vluchtelingen worden in de westerse publieke opinie vaak geassocieerd met kampen. De werkelijkheid is anders: in Turkije, maar ook in Libanon en Jordanië, leven inmiddels miljoenen Syrische vluchtelingen in steden en dorpen te midden van de autochtone bevolking. Hun toevloed heeft belangrijke sociale gevolgen: niet alleen concurreren zij om werk en huisvesting, maar ook als huwelijkspartners. Dit ontwricht de maatschappelijke structuur op tal van manieren. Bijvoorbeeld de opmars van meerwijverij in het moderne Turkije. Carolien Roelants en Froukje Santing reisden met financiële steun van het Postcode Loterij Fonds voor journalisten twaalf dagen door de Turks-Syrische grensstreek om die nieuwe werkelijkheid van de kuma-huwelijken te doorgronden.

Blog 1. Door: Carolien Roelants en Froukje Santing

We staan voor het ijzeren toegangshek van een lagere school in het hartje van de Turks-Syrische grensstad Hatay. De afspraak is dat Jomana Mohamed Khair ons hier om zeven uur oppikt voor een ontmoeting met een 12-jarige Syrische vluchtelinge die onlangs een religieus huwelijk sloot met een man van net boven de twintig. Hij wilde haar familie helpen. Nu hoefde er immers een mond minder te worden gevoed. “Maar hij realiseert zich inmiddels”, vertelde de directeur in Turkije van de SWA, the Syrian Women Association, “dat hij niet een vrouw, maar een kind in huis heeft genomen.”

De tijd tikt weg. Het is even voor half acht. Dan gaat de telefoon. Jomana zegt dat de afspraak niet door kan gaan. Ze is ziek en ligt in bed. We kijken elkaar aan: is de nieuwbakken echtgenoot van zijn toezegging teruggekomen en vindt de Syrische vrouwenactiviste het gênant om ons dat te berichten? Het doet er feitelijk niet toe. Wat telt is dat onze ontmoeting, waarvoor we anderhalve dag langer in Hatay zijn gebleven, niet doorgaat.

De teleurstelling over de verloren tijd knaagt. We zijn inmiddels een krappe week onderweg, hebben in de grensstreek een keur aan gesprekken gevoerd met Syrische vluchtelingen, Turkse en Syrische vrouwengroeperingen, UNHRC (de vluchtelingenorganisaties van de VN) en mensen van gemeenschapscentra voor Syrische vluchtelingen. Maar nog niet eerder waren we zo dicht genaderd tot een van de belangrijkste informanten van ons verhaal: Syrische vrouwen die een religieus huwelijk sluiten met een Turkse man die ten minste al een wettige Turkse echtgenoot heeft. Jomana komt oorspronkelijk uit Hama in Syrië waar haar vader in 1982 bij het bloedbad werd vermoord. In de zomer van 2013 vestigde ze zich met haar vrouwenorganisatie in Turkije. Ze zei in een gesprek op haar kantoor: ”Het is beter te trouwen dan je te prostitueren.” Dat is volgens haar de reden dat jonge bruiden en veelwijverij onder Syriërs nu vaker voorkomen dan voor de oorlog.

Het is een argument dat we vaker horen tijdens onze reis.

Een journalist streeft naar informatie uit de eerste bron. We laden onze bagage in en rijden door naar Sanliurfa, een andere stad langs de Turks-Syrische grens met zeker 200.000 Syrische vluchtelingen. Leven in Hatay vooral alevieten (liberale shi’itische moslims), hier is de meer orthodoxe soennitische islam in de meerderheid en is het er – nog afgezien van de Syrisch vluchtelingen - een ratjetoe van etnische groeperingen: Turken, Turkse Arabieren, Turkse Koerden. Het patroon herhaalt zich: elke gesprekspartner onderkent de explosie van de zogeheten kuma-huwelijken als gevolg van de Syrische toestroom in Turkije – ook al ontbreken officiële cijfers. Ook zij zeggen dat de economische nood waarin veel vluchtelingen zich bevinden – 60 tot 70 procent kan nauwelijks rondkomen, schatten hulporganisaties – vrouwen immers dwingt dingen te doen die ze normaal niet zouden accepteren. Maar zeggen ze ook: niemand wil er openlijk met ons over praten.

Dat lijkt opnieuw dus ook óns lot. Tot Gülten Balci, een gehoofddoekte vrouwenrechtenactiviste, getrouwd met het voormalige hoofd van de wijk Eyupkent aan de rand van Şanliurfa, met ons op pad gaat. Ze brengt ons naar de huizen van vrouwen wier mannen hen aanvulden met een Syrische bruid, boze Turkse vrouwen waarvan de echtgenoot dreigt dat te doen en een Turkse autohandelaar die ons wel zijn tweede Syrische vrouw – ze heeft al een baby en is opnieuw zwanger – toont maar ons er niet mee laat spreken. Hij praat denigrerend over zijn eerste vrouw en over Turkse vrouwen in het algemeen.

Twee dagen later, in de grensplaats in het veertig kilometer zuidelijker gelegen Akçakale met moderne hoogbouwflats, merken we opnieuw hoezeer de lust van mannen voor Syrische vrouwen broeit in de Turkse samenleving. In het krappe kantoortje van een makelaar in landbouwdocumenten verhaalt de ene na de andere bezoeker over zijn recent verworven tweede, derde of vierde Syrische bruid. En we drinken koffie in het ruime appartement van de 22-jarige Syrische Sheka en haar nieuwe Turkse echtgenoot (42), een ambtenaar met al zeven kinderen van een wettige Turkse echtgenote. Acht maanden weifelde hij voor hij haar twee broers en drie zusters vroeg of ze beschikbaar was. Die lieten hem met haar alleen in de tent van de familie in het vluchtelingenkamp. ,,Ik zei tegen haar: je weet wie ik ben, en ik vertelde haar wat ik bezit. En zij zei: het is in orde.”

Dezelfde berusting zien we ook bij de Syrische Nawal in het nabijgelegen stadje Harran. Wat dreef haar om een zogeheten kuma-huwelijk aan te gaan? “Je moet accepteren wat het lot voor je beslist”, zegt ze. Ze heeft Arabisch gestudeerd aan de universiteit van Aleppo, maar is nu de tweede vrouw van een Turkse vrachtwagenchauffeur die cement transporteerde naar haar geboortestad Idlib. Haar vader weigerde haar in eerste instantie uit te huwelijken. Nu haar toekomst door de vlucht naar Turkije onzeker is, stemde hij alsnog in met dit informele huwelijk. Zij had zich haar leven heel anders voorgesteld, maar ze heeft er inmiddels vrede mee.

Het moderne Turkije gedoogt – mede onder druk van de Syrische toestroom – polygamie en een groeiende groep mannen maakt daar gebruik van. De omvang en de maatschappelijke gevolgen daarvan zullen zich de komende jaren scherper aftekenen. Ook journalistiek dus een razend interessant verhaal om te blijven volgen. Maar het is ook typisch zo’n onderwerp dat zich niet in enkele afgemeten dagen laat uitrollen – althans niet naar onze journalistieke maatstaven.

Foto: straatbeeld uit de Turkse stad Gaziantep, drie jaar na de komst van de eerste Syriërs is het Arabisch ver opgerukt.