vrijdag, 4 januari 2019
Twaalf gewapende politieagenten in burger stormden op 21 juli 2016 het kantoor binnen van Jones Abiri, uitgever en hoofdredacteur van ‘The Weekly Source’, een regionale krant in de Niger Delta in Nigeria. Jones werd gearresteerd en zou zonder officiële aanklacht twee jaar gevangen blijven onder gruwelijke omstandigheden. Het Reporters Respond noodfonds van Free Press Unlimited hielp hem een advocaat te betalen.

Jones Abiri, het is slechts één naam in een schijnbaar oneindige lijst van journalisten in Nigeria die geïntimideerd, bedreigd, mishandeld en monddood worden gemaakt. Vaak berichten ze over gevoelige zaken en leggen ze misstanden bloot die te maken hebben met de belangen van het leger, politici, de politie of andere machthebbers.

In de zaak van Abiri speelde een verdachte telefoon een belangrijke rol. De telefoon was eigendom van klanten van Abiri die kwamen overleggen over een persbericht dat hij voor ze zou maken. De klanten vroegen hem de telefoon op te laden maar vergaten het apparaat mee te nemen. Abiri legde de telefoon zonder na te denken in zijn la. Nadat de agenten de telefoon vonden in zijn kantoor arresteerden ze hem.

Rebellenleider

De telefoon werd al een tijdje door de politie gepeild. Abiri kreeg tijdens zijn arrestatie te horen dat hij ervan werd verdacht de leider te zijn van een rebellenleger dat werd gelinkt aan dreigementen tegen de oliemaatschappijen Shell en Agip.

Abiri ontkende uit alle macht. In een interview met Nigeriaanse krant Premium Times zei hij: “Als ik bij die rebellen betrokken zou zijn geweest dan zou ik natuurlijk nooit kantoor hebben gehouden en een krant hebben uitgegeven. Dan was ik in de moerassen gebleven en hadden ze me nooit gezien. En daarbij, ik studeerde rechten ... Ik weet dat het illegaal is om zulke dingen te doen, waarom zou ik me daartoe verlagen?”

Persbericht

Een persbericht van de gevreesde inlichtingendienst, de State Security Service vatte samen wat de verdenkingen tegen Abiri waren; zijn echte naam zou Generaal Akotebe Darikoro zijn, leider van een revolutionaire militie, met als nom-de-guerre ‘General Kill and Bury’. Ook zei het persbericht dat Abiri had bekend dat zijn militie een oliepijpleiding had opgeblazen, oliemaatschappijen had afgeperst, en had gedreigd met raketaanvallen tegen doelen in de hoofdstad Abuja, inclusief de villa van president Muhammadu Buhari. Daarnaast werd hij beschuldigd van het verspreiden van een hoax over een militaire coup om Buhari af te zetten en de macht over te nemen.

Abiri werd gevangen genomen en naar het hoofdkwartier van de State Security Service gebracht, ondanks zijn stelselmatige ontkenning. Een maand later werd hij naar de hoofdstad Abuja overgebracht.

Marteling

In Abuja werd Abiri opgesloten in een clandestiene gevangenis, in een cel van 40 vierkante meter met 26 andere verdachten. Daarbij zaten militante leden van de afscheidingsbeweging voor Biafra, rebellen uit de olierijke Delta State en mogelijke extremisten van Boko Haram. Abiri werd gemarteld, geblinddoekt en geslagen met een ijzeren staaf. Hem werd voldoende voedsel en medicijnen onthouden.

Later zei hij tegen de Premium Times: “Ze bonden een doek over mijn hoofd en ze bevolen me heel dicht tegen een muur aan te gaan staan. Ik wist niet wat er gebeurde maar daarna hoorde ik een geweldige klap tegen mijn rug waarop ik neerviel. Er is iets mis met mijn ruggegraat, ik kan nog steeds niet lang staan.”

De marteling was niet het enige. Abiri mocht niet communiceren met zijn familie, vrienden en zijn advocaat. Het duurde bijna twee jaar voordat hij voor de eerste keer werd voorgeleid voor een rechtbank. In die tijd zei een stafmedewerker van president Buhari die over media gaat: “Abiri is nergens als journalist geregistreerd. Hij is in de mediawereld berucht om zijn handelsmerk: het vertegenwoordigen van rebellen die zich bezig houden met sabotage in de Niger Delta.”

Reporters Respond

Pas in juli 2018 werd Abiri voorgeleid. Bij die gelegenheid zag hij zijn vrouw en kinderen voor het eerst weer terug. Na de zitting werd hij overgebracht naar een gewone gevangenis. In augustus 2018 werd hij op borgtocht vrijgelaten en een maand later wees een rechter de zaak af.

Met ons programma Reporters Respond hielpen we Abiri aan een advocaat en betaalden de reiskosten van zijn familie zodat ze hem in de hoofdstad konden opzoeken. Toen hij eenmaal was vrijgelaten procedeerde hij tegen de staat. Hij kreeg in September 2018 van het federale Hooggerechtshof een schadevergoeding van 10 miljoen Naira (omgerekend €24.300).

Foto: Premium Times