donderdag, 9 maart 2017
“Er zijn tijden geweest waarin mensen mij als journalist niet te woord wilden staan, toen ze erachter kwamen waar ik vandaan kwam. Er werd soms niet eens gevraagd of ik even wilde zitten tijdens het interview. Maar daar heb ik me nooit wat van aangetrokken”, vertelt Kakoli Rani Das. Zij is een van de jonge vrouwen die deelnam aan het trainingsprogramma dat Free Press Unlimited organiseert in samenwerking met Bangladesh NGO Network for Radio and Communication (BNNRC). Voor haar betekende dit enorm veel. “Het heeft de kijk op mijn leven drastisch veranderd.”

Door Lydia van Rooijen en Jolijn de Blocq van Scheltinga

Kakoli groeide op in een arm schoenmakersgezin. Zo arm, dat de andere mensen in haar dorp op het gezin neerkeken. Ze ging niet vaak naar school, maar als ze er was werd ze achterin het klaslokaal gezet. “Iedereen hield ons op afstand.” Tot ze hoorde van de trainingsprogramma’s bij Radio Meghna, een radiostation bij haar in de buurt. Dit is een van de community radiostations van BNNRC.

Community Radio is in heel Bangladesh belangrijk. Zeventien radiostations zorgen ervoor dat plattelandsbewoners op de hoogte blijven van hun eigen omgeving en een stem in de media krijgen. Veel van de journalistiek wist Kakoli nog niet toen ze de kans kreeg deel te nemen aan het trainingsprogramma. Maar met haar doorzettingsvermogen, nieuwsgierigheid en vastberadenheid leerde ze te werken voor het radiostation als volwaardig journalist.

BNNRC biedt namelijk samen met Free Press Unlimited fellowships, de eerdergenoemde trainingsprogramma’s aan: een opleiding tot journalist. Dit is een mogelijkheid voor met name jonge vrouwen om ergens anders dan thuis aan het werk te gaan. Dit is bijzonder, want er zijn weinig vrouwen die buitenshuis werken of daar de kans toe krijgen. Het is voor een familie dan ook een lichte schok als een van de dochters de training gaat volgen. Vrouwen zijn in Bangladesh tot op de dag van vandaag bij lange na niet gelijk aan mannen. Vooral voor vaders kan het soms lastig zijn om zijn dochter aan het werk te zien, maar uiteindelijk verandert dit gevoel in trots, als ze zien dat de meiden tot goede journalisten worden opgeleid.

Jonge vrouwen kunnen zich drie keer per jaar kandidaat stellen om mee te mogen doen met het trainingsprogramma. De enige voorwaarde is dat ze al moeten kunnen lezen en schrijven. De training begint namelijk met een week theorie. Daarna gaan de jonge journalisten elf weken lang samen met oud-fellows, vrouwen die eerder aan het trainingsprogramma hebben deelgenomen, aan het werk voor de community radio in haar dorp.

Ondanks deze training lopen vrouwelijke journalisten tegen een aantal problemen aan. Ze worden niet altijd serieus genomen als journalist door geïnterviewden, zoals Kakoli ervaarde in het begin. De heersende opvatting in Bangladesh is nog steeds dat vrouwen geen journalisten kunnen zijn, en helemaal niet buitenshuis kunnen werken. Tegenwoordig krijgen ze een perskaart, waarmee ze kunnen bewijzen dat ze echt aan het werk zijn. Dit geeft de vrouwen niet alleen een bewijs van hun professie, maar ook een erkenning van hun kunnen.

Nadat de training is voltooid, betekent dit niet dat de inspanning en het harde werken erop zitten. Het is belangrijk dat de nieuwe journalisten aan het werk gaan als professioneel journalist en dat ook blijven doen, want de opleiding is natuurlijk niet voor niets. Mahbuba Islam Bonhi, ook een van de deelneemsters aan het trainingsprogramma bij een ander radiostation, Radio Padma, gaf aan dat ze na de opleiding harder werkt dan ooit. “Ik wil alles wat ik geleerd heb juist gebruiken om een betere journalist te worden. En als journalist vind ik het heel belangrijk om voor jonge vrouwen en kinderen te staan, die verdienen ook een stem in dit land!”